Ameer Abu Snehneh 2016

Spaar de kinderen: Waarom wij niet moeten samenwerken met Israël’s leger en politiediensten

Stel je voor dat je kind niet thuis komt. Als ouder bel je dan de politie. Maar Palestijnse ouders staan machteloos tegenover de Israëlische politie en het leger, die mondjesmaat informatie verstrekken over het wel en wee van Palestijnse  kinderen. In Israël werken de politie en veiligheidsdiensten samen om de bezetting in stand te houden. Zij treden hard op en er vinden veel mensenrechten schendingen plaats. Ondanks dat Israël het Verdrag inzake de Rechten van het Kind heeft getekend, hebben Palestijnse kinderen geen toegang tot recht. Samenwerking met Israël’s politie of leger is daarom geen goed idee.

Palestijnse kinderen zijn doelwit

De bezetting van de Palestijnse Westbank, Gaza en de Golan duurt al 50 jaar. Inmiddels zijn miljoenen kinderen opgegroeid onder bezetting. Steeds meer Palestijnse kinderen worden slachtoffer van geweld dat de Israëlische  politie en leger inzet om het protest tegen de onderdrukking neer te slaan.

Tijdens de oorlog tegen Gaza in 2014, vonden meer dan 500 kinderen de dood door Israëlische bombardementen. En ook na de oorlog zijn tientallen kinderen doodgeschoten door het leger of de politie.

Vanaf het begin van de bezetting in 1967, zijn duizenden kinderen opgepakt. Er zitten ook nu honderden kinderen in de gevangenis. De meeste kinderen die worden gearresteerd, worden meegenomen naar een gevangenis in Israël of naar een verhoorcentrum in een illegale nederzetting. Het transport van gevangenen naar het land van de bezetter is een oorlogsmisdaad volgens de Geneefse Conventie. Palestijnse ouders moeten een vergunning aanvragen om naar Israël te reizen om hun kind te bezoeken. Zo’n aanvraag duurt vaak maanden en lang niet iedereen krijgt toestemming.

most-wanted-fotot-dame-met-tekst-papa-en-mama-spread-p-8-9In deze video verklaart de Palestijnse Ameer aan Tadamun dat hij op zijn 17e gearresteerd is, en dat hij en zijn vrienden doelwit zijn.

Nahson Unit

“Zowel het Israëlische leger als de politie arresteren kinderen,” zo bevestigt Khaled Quzmar, directeur van Defense for Children International Palestine. “Als Palestijnse kinderen door Israël gearresteerd worden en op transport naar Israël zijn gezet, vallen zij onder de verantwoordelijkheid van de Israëlische Gevangenisdienst (IPS). Een getrainde unit, de speciale Nahson unit, begeleidt de transporten. De Nahson unit en de Israëlische politie zijn onderdeel van het Israëlische ministerie van openbare veiligheid. Deze verschillende diensten werken nauw samen.”

Er zijn veel getuigenissen van mishandeling en marteling door de Nahson unit, onder andere van de Palestijnse mensenrechtenorganisatie organisatie Addameer die er een rapport over schreef: “De speciale units van de IPS”.

Van een afstand lijkt het of twee verschillende diensten op een ander terrein opereren. Het lijkt alsof het Israëlische leger verantwoordelijk is voor handhaving van de orde in de bezette Palestijnse gebieden en dat de politiediensten binnen de grenzen van 1967, in Israël, opereren. Maar in de praktijk werken de Israëlische politiediensten ook in de bezette gebieden, waaronder op de wegen naar en rondom de nederzettingen en in geannexeerd Oost Jeruzalem. Zowel leger als politie schenden kinderrechten, zo blijkt uit de rapportages van DCIP.

De getuigenis van Bodil (17)

Bodil (17) legde een getuigenis onder ede af aan de juristen van Defense for Children International Palestine over de manier waarop hij door de politiediensten behandeld is:

Bodil woont in een vluchtelingenkamp. Hij vertelt:

Mijn familie bestaat uit acht personen. Mijn vader heeft geen werk. Ik ben van school gegaan en werk als timmerman. Mijn oudste broers werken ook, maar we hebben het financieel heel krap.

Op 2 november 2016, om 2 uur ’s nachts, kwamen er gemaskerde Israëlische soldaten ons huis binnen, doorzochten mijn kamer en trokken mij aan mijn arm naar buiten. Ze vroegen mij en mijn broers om onze persoonsbewijzen. Ik werd gefouilleerd en mijn handen werden op mijn rug geboeid met plastic tie-wraps die zo strak zaten dat het pijn deed aan mijn polsen. Ik moest naar een Jeep lopen, kreeg een blinddoek voor en werd hardhandig op de ijzeren vloer geduwd.

Dat deed pijn.

Het regende en ik rilde van de kou, maar ik mocht mijn jack niet aandoen.

We gingen naar Huwwara, naar een ondervragingscentrum waar een legerarts me ondervroeg over mijn gezondheid. Hij liet me een formulier ondertekenen. Opnieuw geblinddoekt moest ik in de tuin gaan zitten waar ook andere gearresteerde jongens zaten.

Toen ik tegen hen begon te praten, kreeg ik klappen.

Om 5 uur kwamen we aan bij de Megiddo gevangenis waar tegen ons geschreeuwd werd.

Op 3 november 2016 verscheen ik voor de rechtbank en ze verlengden mijn aanhouding eerst tot 8 november en toen nog 72 uur. Ze vertelden me dat ik onder administratieve detentie stond. Daarna werd ik door een Arabisch sprekende man ongeveer twee uur ondervraagd. Er was verder niemand. Hij zei dat een man had verklaard dat ik van plan was om samen met hem op de kolonisten te schieten, maar ik zei dat dat niet waar was en dat ik die man niet kende. Hij probeerde me te laten bekennen, maar ik bekende niet. Toen moest ik een in het Arabisch en Hebreeuws geschreven document ondertekenen dat ik niet kon lezen. Hij nam foto’s en vingerafdrukken van me en een DNA monster van mijn speeksel.

Getekend door Bodil (17) op 9 november 2016. Om de getuige te beschermen, heeft Tadamun de naam van de getuige veranderd en enkele details weggelaten.

Ondervraging als marteling

In de afgelopen decennia zijn duizenden van dergelijke verklaringen opgetekend. Uit deze getuigenissen blijkt dat veel kinderen dermate wreed behandeld zijn, dat het gelijk staat aan martelen. De ernstigste mishandelingen vonden meestal plaats tijdens de ondervragingen. Daarom denken veel Palestijnen met afschuw terug aan de ondervraging.

Geen toegang tot recht

Ondanks dat er sinds 2001 duizend klachten zijn ingediend bij het Israëlische ministerie van Justitie door de Israëlische mensenrechtenorganisatie PCATI, die zich uitspreekt tegen marteling, is er niet één onderzoek ingesteld.

Het Israëlische leger zou klachten over soldaten die Palestijnen schade berokkenen serieus moeten nemen. Maar het klachtenprotocol is zodanig geformuleerd dat het alleen klachten behandelt die gaan over het niet of onvoldoende opvolgen van bevelen. Het systeem onderzoekt het systeem zelf niet, noch diegene die ervoor verantwoordelijk zijn, zo beschrijft de Israëlische mensenrechtenorganisatie B’tslem op haar website en concludeert vervolgens dat zij niet langer met het leger wil samenwerken, omdat het leger de aanklachten niet serieus neemt.

Geen samenwerking met diensten die martelen

Zolang het Israëlische leger en de politiediensten Palestijnse kinderen wreed behandelen of martelen, en zolang het Israëlische rechtssysteem geen toegang tot  recht toekent aan Palestijnse kinderen, zouden Nederlandse en andere Europese overheden handel en samenwerking met deze diensten moeten staken.

Handel in Nederlandse politiehonden of samenwerking met het leger of de politiediensten, zoals binnen het trainingsproject de Law Train, is daarom geen goed idee.

Binnen een democratische rechtsorde zouden aanklachten over marteling en andere ernstige misdaden door een onafhankelijke rechterlijke macht serieus moeten worden genomen. Maar Israël verhindert toegang tot recht voor Palestijnse kinderen. Onder een bezetting is geen recht mogelijk. Daarom bepleit Tadamun een einde aan de bezetting en toegang tot de internationaal hoven, opdat ook Palestijnse kinderen recht kunnen vinden.

Steun ons

Giften worden besteed aan het werk van DCIP en steun voor kinderrechten door juridische dienstverlening, door mensenrechtenrapportages en door het ontwikkelen en uitvoeren van campagnes om kinderen in Palestina een stem te geven.

Steun ons